A - B
C - D
E - F
G - H
I - J
K - L
M - N
O - P
Q - R
S - T
U - V - W
X - Y - Z

O

   

P

 
obedient gehoorzaam, onderdanig   pacific vredig, vreedzaam
obedientie gehoorzaamheid,
onderdanigheid
  pacificatie vrede maken
bevrijding
     
object voorwerp   pacificeren vrede maken, vredesverdrag
sluiten
objecteren voorwerpen, tegenwerpen,
bezwaren
   
    pacte antenuptieel huwelijkse voorwaarde
objiciŽren terloops aan voorbijgaan   pagadoor penningmeester, persoon die
de betalingen regelt
obiter offer, offerande
opdracht, aanbod
   
    pagie (zij)dienaar, zijdeganger
oblatie vermaak, heugnis, verlustiging   paisibel vreedzaam
oblectatie, obligatie schuldbekentenis, schuldbrief,
verbintenis, verplichting
  paix vrede
    payement kleingeld, wisselgeld
obligeren zich verbinden, zich verplichten   palais prinselijk hof, prinselijk kasteel
oblique scheef, schuin   palinode herroeping, wederroeping
obreptie insluiping   palpabel tastbaar
obscuer duister, donker, onduidelijk   parabel gelijkenis, zinnebeeld
obscureren verdonkeren, verduisteren   parade optocht, pronkstoet
obsecratie smeekbede, gebed   paradox wonderrede, wonderspreuk
ongemeenschappelijkheid
observantie, observatie waarneming, opmerking
gebruik, gewoonte, eerbied
   
    paraemie spreekwoord
observeren waarnemen, gadeslaan,
opmerken
  paragoen puik, uitstekend
    paragraphe beschrijving, onderschrift
afdeling
obstacule hindernis, hinderpaal    
 

       
obsteren in de weg staan, (ver)hinderen   paraphe merk, merkteken
obstinaet hardnekkig   parapheren merken, van een merkteken
voorzien
obtineren verwerven, verkrijgen    
obtrectatie laster, lastering   paraphrase uitleg, uiteenzetting
obveniŽren tegemoetkomen, verhoeden   parate executie rechtsvordering zonder uitstel
occasie gelegenheid, voorval   pardon vergiffenis
occident west, westelijk, richting van de
ondergaande zon
  pardonneren vergeven, vergiffenis geven
    pareersel versiersel, optooiing
occidentael westelijk, westwaarts, westers   pareil effen, gelijk
occulte verborgen   parenthese tussenwerpsel, tussenstelling
occulteren verbergen   pareren tooien, sieren
gehoorzamen
occupatie bezigheid, bekommernis
bezetting, inname
   
    parfumeren beroken, doorluchten
occuperen bezig zijn, zich onledig houden
bezetten, innemen
  parlement raadshof, pleithof, gerechtshof
    parlementen bulderen, tieren
occurrentie ontmoeting   parlementeren samenspreken
octave achtste dag na een feestdag   parochie wijk
octroy gunstbrief, gunstverlening,
vergunning
  parochiaen pastoor, kerkherder
    parricide vader of moeder van een
moordenaar
octroyŽren vergunnen, (gunst) verlenen    
oculair ogenschijnlijk, zichtbaar   partage deling, verdeling
odieus hatelijk   partiael eenzijdig, partij kiezend
oeconomie huishouding   participatie mededeling, medegenot
 

       
offenseren leed doen, kwetsen,
beschadigen, verongelijken
  participant deelnemer, deelgenoot
    participeren delen, deelnemen
offensie belediging, kwetsuur   partisaen medestander
offensief beschadigend, aanvallend   partitie deel, onderdeel
offer aanbieding   particulariteyt bijzonderheid
offereren aanbieden, toedienen   particulier bijzonder
stuksgewijze
officie ambt
plicht
   
    partye deel, medestander
officiant ambtenaar, ambtsman   partye advers tegenpartij, tegenstander
ombrage, omber schaduw
achterdocht
  partyschap partijdigheid
    partner eega, wederhelft, gade
ombrageren overschaduwen   pasquille schimpdicht
ombragieus achterdochtig   passade reisgeld
omissie nalatigheid   passage doorgang, weg
omitteren nalaten, overslaan   passagier reiziger
omnipotent almachtig   passato voor verleden maand
onereren belasten, overlasten, overladen   passeren voorbijgaan
overtreffen
operateur werkmeester    
operatie werking, handeling   passeport vrijbrief, vrijgeleide
opereren werken   passie lijden, verdrukking
hartstocht
opereus arbeidzaam
werkelijk, reŽel, echt
zwaar, groot
   
    passief lijdend, ondergaand
    passioneren onderdrukken, innemen,
bezetten
opificie ambacht, handwerk    
opinie mening, waan   pastoor herder, kerkherder, preker
opineren wanen, menen   pastorye kerkmeesterschap, herderstaat
 

       
opiniatre stijfzinnig, onvermurwbaar   patent open brief
opiniatreren onverzettelijk blijven   paterneel vaderlijk
opponent verweerder, tegenstrever   patient zieke, iemand die lijdt
opponeren weerstaan, verweren,
tegenstellen
  patienteren gedogen, geduldig zijn, dulden,
ondergaan, lijden
     
oppositie weerstand, tegenwerking
tegenstelling
  patientie geduld, lijdzaamheid
    patria vaderland
oppresseren verdrukken, onderdrukken   patriarch oppervader, aartsvader
oppressie verdrukking, onderdrukking   patrimonie vader's goed, vader's eigendom
oppugneren bevechten, bestrijden   patrimonieel erfachtig
optie keuze, mogelijkheid   patrimoniele goederen vrije erfgoederen
opulent rijk   patriot vaderlandslievende
opulentie rijkdom, weelde, overvloed   patronage patronaatschap, huisvaderschap
orakel hemelspraak, godspraak   patroon voorstander, voorbeeld
huisvader
orateur redenaar    
oratie rede, betoog, redenering
gebed
  patronaetschap priesterlijk inkomen
    patrocineren verdedigen, voor staan
ordinantie geschiktheid
inzet, schikking, bevel
  pavillioen tent, veldtent
    pauseren verpozen, rusten
ordinaris gewoon, gewoonlijk   payement betaling
ordineren beschikken   pax vrede
ordre schikking, bestel, orde,   pecceren zondigen, iets misdoen,
in de fout gaan
oreren redevoeren    
 

       
orientael van uit het oosten, oosters,
oostwaarts
van het beste
  pecunieel geldelijk
    pedagoge tuchtmeester, leermeester,
huiselijke leermeester
     
origineel oorspronkelijk
het eerst opgeschrevene
  pedanterie waanwijsheid, geleuter
    pellegrim bedevaarder
ornament versiering, versiersel   pellegrimage bedevaart
orneren versieren, optooien   pene, pijne straf, boete
orthodox rechtzinnig, rechtsgelovig   penetreren doordringen
ostage pand, gijzeling   penitentie berouw, leedwezen
ostagier gijzelaar   peniteren berouw hebben
ostenderen vertonen   pensioen huurloon, loon, wedde,
jaarlijkse gage
ostentatie beroeming, pochen    
ostenteren zich beroemen, pochen   pensionaris loontrekker
stedelijk raadsman
loontrekkende raadsman
otieus ijdel, leeg    
overgreep diefstal    
      per accidens per ongeluk
      per cento ten honderd
      per se uit zichzelf, door hem zelf
      percipiŽren vatten, begrijpen
      perdurabel gedurig
      peregrinatie reis, landreis
      peremptoir uitvoerig
      perfect volmaakt
      perfectie volmaaktheid
      perfidie ontrouw, trouweloosheid
 

       
      pericliteren wagen
      perimeren doden, tenietdoen, uitdoen
      periode punt, tijdstip, omloop
      periphrase omspraak
      perjurie eedverbreking
      permanent vast, bestendig
      permanentie bestendigheid, voortdurende
aanwezigheid
       
      permissie toelating, verlof
      permitteren toelaten, toestaan
      permoveren beroeren
      permutatie wisseling, vermenging
      permuteren wisselen, vermengen
      pernitieus schadelijk, verderfelijk
      peroreratie besluitvorming
      peroreren besluiten
      perpetreren bedrijven
      perpetueel altijddurend, eeuwig(durend)
      perplex verbaasd, radeloos, beteuterd
      perplexiteyt verbaasdheid, radeloosheid
      persecuteren vervolgen
      persecutie vervolging
      perseverantie volharding
      persevereren volharden
      persisteren bijblijven, volhouden
 

       
      personagie rol, iemand die een rol speelt
      personeel "hooft voor hooft"
      personele actie opspraak, recht
      persoonen lieden, lui
      perspective doorzichtig
      perstringeren bedwingen
      persuaderen overtuigen, overreden, aanraden
      persuasie overreding, overtuiging
      pertinent behoorlijk, zoals vereist
      pertinentie geschiktheid
      perturbatie beroering, verstoring
      perturberen beroeren, verstoren
      pervers verkeerd
      perverteren omkeren, verkeerd maken
      peter doopheffer, dooplichter,
doopgetuige
       
      petit klein
      petitie eis, wat men begeert
      petitoir eigen aan de zaak
      petitoire actie "een saek die in den grondt en
ten principalen vervolgt moet
worden
"
       
       
      petulant dartel
      peupel volk, gespuis, "'t grauw"
      perykel nood, gevaar
 

       
      phantasie inbeelding
      philosooph wijsgerige, wijsgeer
      philosophie wijsgerigheid, wijsheid,
wijswording, wijsbegeerte
       
      picant scherp, spits, steekachtig, netelig
      pilagie plundering
      piqueren stekend, hatelijk doen tegenover
iemand
       
      piraet zeerover
      pitantie wat wordt verdeeld aan iedere
religieuze
       
      placcaert plakkaat, plakschrift, bevel
      plain effen, gelijk
      plainte klacht
      plaisant lustig, vrolijk
      plaisir lust, vreugde, vrolijkheid,
vermaak
       
      planeet "dwaelster", "zweefster"
      planeren schaven, effenen, vlakmaken
      plauderen in de handen klappen
      plenipotentie volmacht
      plenipotentiaris gevolmachtigde
      plenitude volheid
      pleydoy geding, rechtstaal
      pluraliteyt meerderheid
 

       
      poinct punt, stip
iets wat verhandeld wordt
       
      police van assurantie verzekeringsbrief, polis
      policie burgerschap, burgerlijke regering,
burgerlijke stand
      policitatie belofte
      poligamie veelwijverij
      polit net, beschaafd, geslepen
      politicq burgerlijk
      poliz verzekeringspolis
      pompe pracht, praal
      pompeus prachtig
      pondereren overwegen
      pontificael pauselijk, priesterlijk
      populair gemeenzaam, volks
      populeus (dicht)bevolkt
      portatif draagbaar
      portie deel, gedeelte
      poseren zetten, stellen
      positie stelling, feit, toestand
      positief stelling, gesteldheid
      possederen bezitten
      possesseur bezitter
      possessie bezit
      possessoir bezittelijk, recht om te bezitten
      possibel mogelijk
 

       
      posteriteyt afkomst, nakomelingschap
      postuer gestalte
      postuleren opeisen, vorderen
      posthumus "een kindt dat naer de doodt
van zyn vader geboren wordt
"
       
      potent machtig, vermogend
      potentaet vermogende & machtige heer
      potentie vermogen, macht
      pousseren aandrijven, stsuwen
      pra(c)tyk bewerking, handhaving
      practizyn bewerker
rechtsbeoefenaar
       
      praeses, president voorzitter, hoofd
      prealable vooraf, eerst
      prebende proef, inkomst
priesterlijk inkomen
       
      precario, precatie ter bede, in gebed
      precautie voorhoede
      precedent voorafgaande
      precederen voorafgaan
      precelleren te boven gaan, uitmunten,
overtreffen
       
      precept gebod
      preceptor meester
      preceptie bevel
      precipitatie overhaastheid
      precipiteren zich overhaasten, overijlen
 

       
      precies juist, stipt
      predecesseur voorganger, voorzaat
      predestinatie voorbestemdheid, voorbeschikt-
heid
       
      predestineren voorbeschikken
      predicant voorleraar, preker, uitroeper
      predicatie preking, verkondiging
      predictie voorzegging
      preŽminentie uitstekendheid, voortreffelijkheid
      prefatie voorreden, voorspelling
      prefecture oppervoogdij
      preferentie voorkeur, het voortrekken
      prefereren voortrekken, de voorkeur geven
      prefigeren voorbestemmen
      prefixie voorbestemdheid
      pregnant dringend
      prejuditie nadeel, veroordeling
      prejudiceren beschadigen, veroordelen
      prelaet kerkvoogd
      prelature kerkvoogdij
      prelegaet vooruitbestemming
      prelegateren vooruitbestemmen
      prematuer onrijp, vroegtijdig
      premediteren vooraf bedenken
      premie beloning, prijs, verering,
verzekerd geld
       
      premise wat vooraf gaat
      premitteren voorafzenden, vooruit zenden
 

       
      preoccupatie voorkomendheid,
vooringenomenheid
       
      preoccuperen vooringenomen zijn
      preparatie toebereidsel, voorbereiding
      preparatoir bij voorbaat
      prepareren voorbereiden
      prepositie voorzetsel, voorstelling
      prepostere verkeerd, achterstevoren
      prerogatief voordeel, voorrecht
      presbyter ouderling, priester
      prescientie voorkennis, voorwetenschap
      prescriberen voorschrijven
verjaren
       
      prescriptie bevel, voorschrift
verjaring
       
      present geschenk
tegenwoordig, aanwezig
       
      presentatie aanbieding, voorstelling
overbodigheid
       
      presenteren aanbieden, voorstellen
overbodig zijn
       
      presentie aanwezigheid
      preservatie verhoeding, beschutting
      preservatief bewarend, beschuttend
      preserveren behoeden, beschutten
      president voorzitter, opperste raadsman
      presidentie voorzitterschap
      presideren voorzitten
 

       
      presseren dringen, aandrijven
      prestantie overtreffing
      presteren teweegbrengen, uitvoeren,
volbrengen, betonen
       
      presumeren vermoeden, wanen
      presumptie vermoeden, waan
      presumptueus verwaand, laagdunkend
      presupponeren vastellen, veronderstellen
      presuppositie vaststelling, veronderstelling
      pretenderen voorwenden
eisen, vorderen
       
      pretentie eis, vordering
voorwendsel
       
      preteriŽren voorbijgaan
      pretext dekmantel, voorwendsel
      pretieus kostbaar, dierbaar
      preuve proef, bewijs
      prevaleren overtreffen
zich behelpen
       
      prevaricatie overtreding, te buiten gaan,
vergrijpen
       
      preveniŽren voorkomen
      preventie voorkoming
      prevoost tuchtvoogd, tuchtmeester,
drossaart, zedestraffer
       
 

       
      primaet opperste kerkvoogd
      primitief oorspronkelijk, de eerste
      primo ten eerste
      primogeniture eerstgeborene
      prince, prins vorst, voogd, overheidsvoogd
      principael voornaamste, belangrijkste
      principie beginsel
      priseren waarderen, taxeren, schatten
      priseringe waardering, taxatie, schatting
      privaet afgezonderd, bijzonder
      privatie beroving, ontneming
      privť bijzonder
      priveren ontnemen, ontzetten, beroven
      privilegie voorrecht, handvest
      pro anno voor ťťn jaar, per jaar
      probabel waarschijnlijk, te bewijzen
      probatie beproeving, bewijsvoering
      proef (be)proeving, bewijs
      proberen beproeven, bewijzen
      probleme vraagstuk, betoog, voorstel
      procederen voortvaren, pleiten, bevorderen
uitspreken
       
      procedure voortgang, bepleiting
      proces geding
      processie ommegang
 

       
      proclamatie uitroeping, uitroep
      proclameren uitroepen
      procreatie voorteelt, teelt
      procreŽren telen, voortelen
      procuratie voorzorg
volmacht, last, mandaat
       
      procuratie ad lites volmacht om een proces te
vervolgen
       
      procuratie ad negotia volmacht om over een aantal
zaken te beschikken
       
      procurator gemachtigde
      procureren verzorgen
      procureur pleitbezorger, gevolmachtigde
      procureur generael algemeen bezorger
gemeentelijk bezorger
       
      prodigaliteyt kwijting, verkwisting
      prodige verkwiste goederen
      prodigeren verkwisten
      prodigieus wonderbaarlijk
      product uitkomst, opbrengst
      productie voortbrengst
      profaen onheilig, werelds, goddeloos,
niet godsdienstig
       
      profaneren ontheiligen, ontwijden
      profereren uitspreken, uiten, voortbrengen
 

       
      professie belijdenis, aangenomen dienst,
ingeving
       
      professor hoogleraar, opperleraar,
hoofdschoolmeester, landsleraar
       
      profiteren voordeel doen, winnen
      profuge toevlucht, voortvluchtigheid
      profugie verkwisting
      progenie geslacht, afkomst
      prognosticatie voorkennis, duiding
      prognostiqueren vooraf verkondigen, met (voor)
kennis verkondigen
       
      progressie voortgang
      prohiberen verbieden
      prohibitie verbod
      project voorwerp, onderwerp
      projecteren ontwerpen, voorafstellen
      prolatie voortbrengsel
      prologe voorafrede, inleiding
      prolongatie verlenging
      prolongeren verlengen
      prolox langzaam, traag lopend
      promissie belofte, gelofte, toezegging
      promitteren toezeggen, beloven
      promotie bevordering
      promoveren bevorderen
 

       
      prompt vaardig, gezwind, zonder
twijfelen
       
      promptitude vaardigheid
      promulgatie verkondiging
      promulgeren verkondigen
      pronunciŽren uitspreken, vonnis vellen
      pronunciatie uitspraak, vonnis
      propagatie voortplanting, uitbreiding
      proper klein, dun, net
      propheet voorbode, voorspreker
      propheteren voorzeggen, voorspellen,
waarzeggen, preken
       
      prophetie openbaring, voorbode
      propice goedgunstig, genadig
      proportie evenredigheid, gelijkmatigheid,
evenheid, gelijkmatige bedeling
       
      proportioneel gelijkmatig
      proportioneren evenredig maken
      propoost voornemen, voorhebben
      proposeren, proponeren voorstellen
      propositie voorstel, voorstelling
      proprie eigenlijk
      proprietaris eigenaar
      proprieteyt eigendom, eigenschap
      propulseren voortdrijven, aandrijven
 

       
      prorogatie uitstel, verlenging
      prorogatie van jurisdictie overgave van rechtsdwang
      prorogeren uitstellen, verlengen
      proscinderen afsnijden
      proscriberen verbannen, wegzenden
      prose rijmloos, ongerijmd
      prosecutie afsnijding
      prospect uitzicht
      prospereren welvaren
veroveren
       
      prosperiteyt welvaart, voorspoed
      prosterneren onderwerpen
      prostituŽren zich schandelijk ten toon stellen
gemeen maken
       
      protecteur beschermer
      protectie beschutting, bescherming
      protegeren beschermen, beschutten
      protest weerspraak, tegenspraak,
beklag
       
      protestatie tegenspraak
vrijspraak
       
      protesteren weerleggen, tegenspreken,
verwerpen
       
      prothocol schrijfboek, schrijfrol
      prothocolleren te boek stellen, opschrijven
 

       
      provenue inkomst
      proverbe gezegde, spreekwoord, spreuk
      proviant voorraad
      provident voorzienig, voorzienend
      provideren voorzien
      providentie voorzienigheid
      provincie landschap
      provincialen raedt landschapsraad, landstatige raad
      provisie voorziening, voorraad
      provisoor opzichter
      provocatie uitdaging, aanporring, beroep
      provoqueren, provoceren uitdagen, aanporren, beroep
doen op
       
      proye buit, het geroofde
      prudent voorzichtig, oplettend
      prudentie voorzichtigheid, oplettendheid
      publicatie afkondiging
      publiceren afkondigen, aflezen
      publicq openbaar, gemeenschappelijk,
wereldkundig
       
      pudicq schaamtelijk, beschaamd
 

       
      puer zuiver, helder, onschuldig
      pueriel kinderlijk, kinderachtig
      punctueel gechikt, net op zijn stuk
      punctuŽren afstippen, aftekenen
      punctum stip, punt
      punitie straf
      pupil wees
      pupillariteyt onmondigheid
      purificatie het zuiver maken
      purificeren zuiver maken, reinigen
      puritein zuivere, zuivere geest
      puriteyt zuiverheid
      purgatie zuivering, lossing
      purge verschoning van nood
      purgeren zuiveren, lossen, verschonen
      purificatie schoonmaking, zuivering
      putatief gemeende, vermeende

 

       

 

Samengesteld door Georges Brems & Bert Vleugels

 

Laatste wijziging 16-05-2013 - Aanmaak pagina